Slaapmedicatie kan op korte termijn helpen om beter te slapen. Bij langdurige slapeloosheid pakt het echter niet de onderliggende oorzaken aan, zoals gewoonten en gedachten die de slaap verstoren.
Daarom worden veel slaapmiddelen (zoals benzodiazepinen) sinds 2009 niet meer standaard vergoed vanuit het basispakket. Ze worden alleen nog vergoed in specifieke medische situaties.
Redenen hiervoor zijn onder andere het risico op gewenning en afhankelijkheid, en bijwerkingen zoals sufheid, concentratieproblemen en geheugenklachten.
Behandelingen die zich richten op het veranderen van gedrag en gedachten, zoals cognitieve gedragstherapie voor insomnie (CGT-i), blijken op de lange termijn effectiever.
In de richtlijn voor huisartsen wordt geadviseerd om slaapmiddelen alleen kortdurend (bijvoorbeeld maximaal 1 tot 2 weken) en bij uitzondering te gebruiken. Desondanks worden deze middelen nog vaak ingezet bij slaapproblemen.
Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat bij chronische slapeloosheid slaapmedicatie meestal geen duurzame oplossing is. Cognitieve gedragstherapie voor insomnie (CGT-i) is op de lange termijn effectiever. In een slaaptherapie wordt gewerkt aan de factoren die de slapeloosheid in stand houden, zoals slaapgewoonten en gedachten over slaap. Hierdoor kan het slaappatroon blijvend verbeteren.
Lees ook:
Melatonine is een natuurlijk hormoon en speelt een belangrijke rol in de werking van de biologische klok. Is het verstandig om melatonine als slaapmiddel in te nemen? Lees meer
's Nachts wakker liggen en niet meer in slaap kunnen komen is een probleem wat heel veel mensen kennen. Slapeloosheid is goed te behandelen. Lees meer
Slaappillen kunnen tijdelijk helpen, maar verdoezelen alleen de symptomen. Met een slaaptherapie pak je de bron van het slaapprobleem aan.
Slik je slaappillen en kan je niet meer zonder? Wil je ervan af? Gedurende een slaaptherapie kan je de medicijnen voorzichtig afbouwen. Lees meer